De naam “pulp” is afgeleid van het goedkope houtpulp-papier waar de tijdschriften uit dit genre op gedrukt werden. Pulpliteratuur, ook wel triviaallectuur genoemd, is de benaming voor de goedkope fictietijdschriften en -reeksen die werden gepubliceerd in de loop van de 20ste eeuw en massaal werden verspreid en gelezen maar nauwelijks bewaard zijn gebleven. Elke aflevering bracht een apart verhaal. Mannen waren vooral gek op avonturen- en detectiveverhalen; vrouwen bleken veelal verzot op liefdesverhalen, o.a. in de vorm van doktersromans. Deze boekjes verschenen in reeksen als Cameliareeks: de roman voor de vrouw, Eva roman: boeiende romans van de beste auteurs, Hart en vrouw: complete doktersroman, Idylle: volledige roman voor de moderne vrouw, Kasteelroman: een favoriet roman of Nadia: volledige liefderoman. Enige tijd spraken ook de fotoromans – de combinatie van beeld en verhaal – tot de verbeelding, zoals bijvoorbeeld Beeldromance: tulpreeks of Ivanov's beeldromans: tulpreeks.
Het betreft veelal vertalingen, in het bijzonder uit het Duits. Veelschrijvers zijn o.a. Hedwig Courths-Mahler (bijvoorbeeld Nooit zal ik het je kunnen zeggen), Gert Rothberg (bijvoorbeeld Een hart vraagt slechts liefde), en Ina Ritter (bijvoorbeeld Geluk in een kleine praktijk: een chirurg tussen scheiding en liefde).
Vroeger werd pulpliteratuur geweerd uit de officiële literatuurgeschiedenis. Vandaag spreken de ooit zo populaire, op grote schaal geproduceerde romannetjes evenwel tot de verbeelding. Paradoxaal genoeg zijn ze echter moeilijk te vinden. Doordat ze niet beschouwd werden als cultureel interessant en op minderwaardig papier gedrukt waren (vandaar de naam ‘pulp’), zijn ze vaak verloren gegaan.
Ook in de Erfgoedbibliotheek was dit deel van de Vlaamse romanproductie lange tijd onzichtbaar, vanuit de overtuiging dat men enkel hoogstaande kunstvormen – literatuur met de grote L – moest bewaren voor het nageslacht. Voor de zogenaamde lectuur, triviaalliteratuur of driestuiverroman was dus geen plaats. Pas met de ontwikkeling van de cultural studies in de (late) jaren zestig van de vorige eeuw ontstond er meer aandacht voor pulpliteratuur. Onderzoekers gingen beseffen dat ook populaire fictie inzicht kon geven in de cultuur waarin ze was ontstaan. Zulke boeken werden immers stukgelezen door een bijzonder groot en divers leespubliek. Daarom verzamelt de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience dit soort pulpliteratuur nu met terugwerkende kracht, omdat ze net zo goed deel uitmaakt van ons culturele erfgoed.
Sacha Ivanov
Sacha Ivanov - de naam doet denken aan epische romans en negentiende-eeuwse Russische landjonkers in afgelegen kersentuinen. Bij nader inzien gaat het echter om een waanzinnig populair Vlaams streekproduct uit de twintigste eeuw. Ivanov was namelijk de auteur van reeksen als Ivanov’s Verteluurtjes, Ivanov’s Kleine Romans, Kleine Liefde Romans, Liefde en Mysterieromans.

De identiteit van Sacha Ivanov bleef lange tijd een goed bewaard geheim. Achter het pseudoniem ging geen rijzige, zongebruinde avonturier schuil, zoals vele jonge lezers dachten, maar de Gentse onderwijzeres Rachel Van Overbeke (1888-1943). De Russisch klinkende naam was een samentrekking van de familienamen van haar man en haarzelf: Ysebie-Van Overbeke. Van 1936 tot aan haar dood schreef zij ruim 290 wekelijks verschijnende populaire verhaaltjes in de reeks Ivanov’s Verteluurtjes. Vanaf 1942 verschenen de nieuwe nummers in Ons rakkersblad, het striptijdschrift van haar eigen ‘Rakkersclub’. Rachel Van Overbeke schreef ook de eerste 169 afleveringen van de succesreeks Ivanov’s Kleine Romans. Op de covers prijken vaak sensationele titels zoals In de klauwen van Bill Sullivan of Irena: de dochter van den dronkaard. Deze romans met een hoog entertainmentgehalte waren geschreven voor een breed publiek maar ze zijn vandaag zo goed als vergeten.
Na Van Overbekes vroegtijdige overlijden werd het schrijfwerk stilzwijgend voortgezet door haar echtgenoot, haar dochter Regina en haar schoonzoon Antoon Mortier, die hetzelfde pseudoniem bleven gebruiken. Zij waren verantwoordelijk voor een hele resem nieuwe avonturen, zowel nieuwe verhalen als vertalingen en heel wat herdrukken. De geest van de reeks bleef echter bewaard en in totaal verschenen meer dan tweeduizend romans.
Het populaire genre leeft vandaag nog voort in de Bouquet-reeks.

Wie de Ivanov-romans vandaag wil lezen of er onderzoek naar wil verrichten, kan terecht in onze catalogus. De Erfgoedbibliotheek bezit intussen een aanzienlijke collectie van 590 uitgaven. Ze maken deel uit van de collectie pulpliteratuur, die intussen meer dan 1.200 boeken omvat, en die gestadig aangroeit. Omdat ze destijds erg goedkoop zijn uitgegeven, zijn ze erg kwetsbaar. Daarom heeft de Erfgoedbibliotheek haar collectie gedigitaliseerd. Liefhebbers kunnen alle 590 titels online raadplegen, goed voor vele uren leesplezier over romantiek en avontuur.
Nederlandstalige misdaadromans
Boekenverzamelaar en kenner van het misdaadgenre Wim van Eyle (1936-2019) schonk in 2019 zijn grote collectie van Nederlandstalige misdaadromans uit de 20ste eeuw aan de Erfgoedbibliotheek en aan de KB, nationale bibliotheek van Nederland (KB). Het ging om circa 4.500 uitgaven, waarvan nu ongeveer 1.000 in het bezit van de Erfgoedbibliotheek zijn. De schenking is een belangrijke toevoeging aan de collecties triviale lectuur van beide instellingen.
Wim van Eyle (1936-2019) heeft decennialang Nederlandstalige misdaadromans verzameld en onderzocht. Hij stelde zelf in 2008 een Lexicon van Nederlandstalige misdaadauteurs op, waarin hij alle Nederlandstalige ‘spannende’ boeken nauwgezet in kaart bracht.
Tegenwoordig grossiert vrijwel elke boekhandel en bibliotheek in ruime kasten met moord en doodslag, maar vroeger werd er vaak sterk op dit genre neergekeken. Veel uitgaven zijn daarom niet goed bewaard. Daarmee was een belangrijke bron van kennis over de populaire Vlaamse cultuur in de (vooral vroege) 20ste eeuw maar beperkt toegankelijk.
De Erfgoedbibliotheek heeft de ambitie om alle werken van Vlaamse literaire schrijvers te verzamelen, ook als dat publicaties zijn op het terrein van triviale lectuur of ‘pulp’. Misdaadromans werden vroeger niet systematisch door de bibliotheek verzameld. Met terugwerkende kracht vullen we de collecties van dit soort genres aan. De schenking van Van Eyle is dan ook een belangrijke toevoeging aan onze collectie ‘Vlaamse letterkunde’.
Onder de Vlaamse uitgaven bevinden zich romans van Vlaamse schrijvers als Fernand Auwera, Aster Berkhof, Robert Coolen, Toni Coppers, Anton van Casteren en Roger D’Exsteyl. Eerder kwam Van Eyles collectie boeken over wielrennen al in Vlaanderen terecht, bij het Koersmuseum in Roeselare, want behalve een groot kenner van de misdaadroman is Van Eyle ook een fanatiek volger van de wielersport.
De schenking voor de Koninklijke Bibliotheek van Nederland bevat veel eerste drukken van vroege Nederlandse misdaadauteurs, zoals Ivans (pseudoniem van Jacob van Schevichhaven), G.H. Priem, Herman Middendorp, Jules van Dam en Willy Corsari. Ook de tientallen romans van de veelschrijvers Edward Multon (Herman van der Voort, 1900-1982) en Francis Hobart (Cor Docter, 1925-2006) zijn nu zeer ruim voorhanden in de KB.
Meer weten?
- John Rijpens, Sacha Ivanov: Vlaamse pulp à la carte, Antwerpen: De Vries-Brouwers, 2006.
- John Rijpens, Vlaamse pulp als delicatesse, Antwerpen: De Vries-Brouwers, 2017.
- Ken Gelder, Popular Fiction. The Logics and Practices of a Literary Field, Londen: Routledge, 2004.
- Erica Van Boven, Mathijs Sanders & Pieter Verstraeten (red.), Echte leesboeken! Publieksliteratuur in Nederland en Vlaanderen 1920-1970, Hilversum: Verloren.
- David Glover & Scott McCracken, 'Introduction', in: idem (red.), The Cambridge Companion to Popular Fiction, Cambridge: Cambridge University Press, 2012, 1-14.


